Chanel strikes again

Op dinsdagochtend rond de klok van tien trekken alle modemensen, voornamelijk in het zwart gehuld en met Chanel-tas over de schouder, richting het Grand Palais. Die wordt vier keer per jaar door Karl Lagerfeld afgehuurd om zijn verse Chanel-waar aan de man te brengen.

En daar wordt geen euro voor tegen het licht gehouden, kan ik je vertellen. Van een wereldbol met een diameter van 15 meter tot maanlandschappen, kunstgalerieën en de vorige keer een complete supermarkt met alleen maar Chanel-producten. Alles is mogelijk in de wereld van Karl en Coco.

Dit jaar moest er wel iets heel spectaculairs bedacht zijn. Het nam in ieder geval heel veel plek in want er konden 30% minder kaarten worden weggegeven. Daardoor liep een derde van de modeposse knarsetandend door Parijs en was de-show-zonder-de-kaarten het gespreksonderwerp du jour.

Toen ik vanochtend in het Grand Palais aankwam, dacht ik even dat ik een verkeerde deur had genomen. In plaats van het centre court van het Grand Palais  trof ik een Parijse straat. Na een moment van verwondering, het was nog vroeg hè, het was nog vroeg, gaf het straatnaambordje duidelijkheid. Boulevard Chanel. Ah, Karl had weer iets bekokstoofd.

Ik app de amayzine-editors stiekem een plaatje van het spektakelstuk en wens mezelf een behang van deze straat. Ik begrijp ook meteen waar het kaarttekort vandaan komt. Het betreft hier een rechte straat waardoor de grote zijruimten van het Grand Palais niet worden benut en er dus veel minder mensen in de zaal kunnen. Ben ik even blij dat ik binnen ben.

Er komen nog wat mannen de catwalk op met gieters om wat plassen op de straat aan te brengen. Het mag nu dan wel een bijzonder zonnige dag zijn, denk je aan een Parijse straat dan heurt daar een plas bij. Achter me hoor ik hard “everybody first look” roepen. De modellen gaan zich omkleden. Het zijn er 86. Ik zie Gisèle, Cara, Joan Smalls, onze Hollandse brigade Daphne Groeneveld, Maartje Verhoef, Julia Bergshoef en Saskia de Brauw, Binx Walton, Anna Ewers, Sam Rollinson. Iedereen die meetelt, loopt deze show.

Een modellenexplosie dendert de catwalk over. In typical tweed, met geestig gebloemde regenlaarzen, en tassen met opdrukken als ‘we need tweed’. Er zoemt gedreun door de zaal voor de finale begint. Het is een demonstratie, een fashion-strike, met Karl en Cara voorop. Als ze, in Chanel-megafoons die ik dus meteen wil hebben, leuzen roepen als “We need tweed’ en “Make fashion not war” hoor ik iemand naast me zeggen dat karl toch een beetje Coco-Cola couture maakt omdat een diepere boodschap wellicht ontbreekt.

Mij kan het niet zoveel schelen. Ik zie een overdaad aan schoonheid, een explosie van topmodellen en minstens 47 dingen die ik wil hebben. Ik kan maar een ding concluderen; Karl strikes again.