De wind bracht ons naar Basilicata. Da’s diep, diep, diep Italiê. Wat ik wel wist, is dat Francis Ford Coppola er een hotel had. Wat ik niet wist is dat er een wijn op me wachtte die ik nóg lekkerder vond dan de Amarone. En die staat bij mij al jaren op eenzame hoogte.

Afijn. Laat me je even meenemen naar mijn Francis Ford Coppola-queeste. De beste man heeft namelijk een hotel in Belize. Laat dat nou de naam zijn van mijn middelste meisje. Moet ik heen. Moeten WE heen. Maar Belize is best een pittig oord. Sowieso lang vliegen, naar men zegt veel drugs, oké dat kunnen wij Hollanders wel hebben, maar ook veel zee en zwembaden dus alle kinders moeten eerst zonder hulpstukken naar lucht kunnen blijven happen eer we gaan.

Francis heeft een Italiaanse dependance, Villa Margherita, in Bernalda, Basilicata. Leek me een prima proefstation. Voorzichtig had ik al fantasieën over een ontmoeting met Sofia die daar dan ook even een paar dagen bijtankte en een innige vriendschap die zou volgen, me naar vele frows en filmpremières bracht en natuurlijk vele diepzinnige en introspectieve van vrouw tot vrouw gesprekken.

Het hotel was prijzig. Te prijzig. Voor een beetje kamer voor dit rondreizende circus moesten we al gauw €4500 voor drie nachten neertellen. Nu is verkwisten een van mijn betere kwaliteiten, dit ging me een tand te ver.

Gelukkig heeft Francis een bar aan zijn hotel gebouwd. Matig origineel Cinecittà geheten, naar het Romeinse filmparadijs van weleer. Het leuke is dat als je Bernalda binnenkomt, een zeer middelmatig stadje overigens daar hoef je het zeker niet voor te doen, je nergens wordt gewezen op Het Hotel en De Beroemde eigenaar. Het is dat ik een mondje Italiaans spreek dat ik het vond. En mijn lief herkende de kleur grijs van de deuren van de foto’s van de site. We parkeerden de auto en wandelden het palazzo binnen. Vanaf nu zou het leven niet meer hetzelfde zijn.

Ik bestelde een frappé (kan een mens opeens ontzettende zin in hebben op een woeste zomerdag) een caffè en drie verse spremute voor de meisjes. Zij moesten plassen. Allemaal. Prima excuus om de tent even helemaal uit te checken, De meisjes zagen een fontein in de binnentuin en renden erheen. Ik er achteraan. Sofia awaited me…

Terwijl ik in opwaartse draf richting waterballet bewoog, hoorde ik achter me stemmen. Sofia? Francis? Marc-die-hier-met-Sofia-inspiratie-opdeed? Inez-en-Vinoodh-in-overleg-met Sofia-voor-verse-Vuitton-Campagne? Ik keek achterom. Ik zag. 2 opgewonden kamermeisjes. 1 Bedrijfsleider. 1 Assistent bedrijfsleider. Twee, excusez, lelijke Amerikaanse toeristen die hun broek tot hoog over de dikke buik hesen en het “afstylden” met plastic sandalen. In hun handen opzichtig de dikke kamersleutelhanger. Ik betaal dus ik bepaal hun credo. Zoveel was duidelijk.

Of we als-je-blieft de binnenplaats verlaten wilden was het verzoek. Uit respect voor de gasten. Want? Het is niet dat we drie mitrailleurs over onze schouders hadden hangen ofzo. De weg van wc naar binnenplaats was best bepaald open geweest. Om Prince te quoten, zei ik; I don’t want to be ruhuhude. Dus we togen weer naar het terras waar we wel welkom waren. Het goede nieuws; bij de koffie werden heerlijke, zelfgemaakte stukjes chocoladetaart geserveerd en we betaalden een frummel voor alle service. Maar verder… Ik laat mijn recensie bij een hartgrondig ‘mwah’.

Ons onderkomen Torre Fiore in het buurtstadje Pisticci daarentegen was geweldig. De meest charmante service, verse handdoeken bij de infinitypool, de allerbeste chef Nicola (ik heb, serieus, alle gerechten van de kaart ‘gebruikt’) en de liefste eigenaresse Canadese Marianne die ons uitzwaaide tot ze ons echt, echt, echt niet meer kon zien.

In Torre Fiore proefde ik, schrijf op, de Fiano, een verrukkelijke witte wijn en de Primitivo, de beste rode wijn die ik ooit proefde. En ik kan je vertellen; I have been around the block. Beide lokale wijnen vanzelfsprekend.

Ik weet niet of dit meisje ooit naar Basilicata terugkeert (al mis ik Marianne en haar geweldige staff nu al), maar een beetje Basilicata naar Nederland halen, dat lijkt me geen enkel probleem. Gall&Gall, vul de schappen vast, ik kom eraan!

BY May-Britt Mobach
Jongleert doordeweek met kinderen en laptops, vermoedt een serieuze shopverslaving en probeert lichtelijk obsessief latte- en wijngebruik van zich af te schudden door overmatig veel te sporten.
Afbeelding van May-Britt Mobach