Fun & Famous

6X WAT NIET KWIJT MAG ZIJN, MAAR ALTIJD KWIJT IS

Als m´n kont niet vastzat, dan lag mijn bips honderd procent zeker nú nog thuis op de keukentafel. Ik neig naar een wat chaotische lifestyle (klinkt chiquer dan vergeetachtig zijn). Maar ik leerde die leefstijl te handelen, mijn lievelingsmensen net ietsjes minder. Maar soit. Aan de wil schort het écht niet, want ik ben de moeder der lijstjes, post-its en reminders in mijn telefoon. En ik doorloop een checklist voor ik het pand verlaat. Het gekke is alleen, als ik vanavond thuiskom, dan is mijn object of interest kwijt. Hoe? Echt, al sla je me. Paniek? Oh yeah, acute en trillende paniek. De bilpartij zit goed vast (thank god), maar er zijn dingen die ik non-stop kwijt ben. En dit zijn de ergste.

1. Alles in pasvorm

En nee, niet die van je schoenen of überfijne jeans. Mijn top drie pasjes die ik bij voorkeur níet kwijt ben: de pinpas, mijn creditcard en het rijbewijssie. Maar het is een struggle, want ze zijn ieniemienie. Eigenlijk is het dus niet eens mijn schuld. Ik ren vaak zat met alleen mijn pinpas de deur uit en die verdwijnt dan in de zak van dat ene jasje, die ik alleen naar de kroeg draag of op die regenachtige zondag. En de creditcard gebruik ik bij het shoppen op de bank, verdwijnt zó in al die gleuven en kieren daar. Ik verruilde vorig jaar mijn aan elkaar geplakte roze rijbewijsboekje. Het ding heeft een leven geleid zonder mij, al-tijd kwijt. De roze pas is trouwer, want die was sinds vorig jaar juni nog maar twee keer foetsie. Een acceptabele score gezien de tijd.

“De bilpartij zit goed vast (thank god), maar er zijn dingen die ik non-stop kwijt ben”

2. iPhone, iAdeline

Ik keer zo’n vijf keer per dag mijn tas binnenstebuiten, betast mijn kontzak, graai in jaszakken, loop terug naar de wc (ja, confession) en check het vakje in de auto. Die telefoon van mij heeft zo z’n favoriete plekjes om uit te hangen. Is ‘ie onvindbaar? Dan is het PANIEK. Kijk, vergeten is al een dingetje. Maar kwijt?! Oh, heer. Ik hoor soms van die Chucky-achtige verhalen over gestolen telefoons, raak ik helemaal van ’t padje van. Na twintig keer bellen traceer ik my precious meestal weer, tóch onder in die tas. En dat is maar goed ook, want anders waren mijn agenda, fototoestel, bankrekening én wekker ook met de noorderzon vertrokken.

3. Lost in cyberspace

‘Je wachtwoord moet bestaan uit zevenenveertig letters, tweeëntwintig cijfers en dertien tekens.’ Rood sterretje en een nog roder omlijnd vak. ‘Je wachtwoord mag niet gelijk zijn aan het vorige wachtwoord.’ (Piepperdepieppieppieppiep). Hou op met me. Zelf ben je dat wachtwoord, door al je honderdvijfenzeventig andere wachtwoorden, vergeten. Maar zíj weten het nog wel. Krijg je ook nog een onheilspellende waarschuwing over wát er allemaal wel, niet, misschien kán gebeuren als ze je wachtwoord ontcijferen. En je DigiD, nóg moeilijker. De invulprocedure van dit wachtwoord is zo angstaanjagend, dat je een combinatie bedenkt van wat je nooit zou bedenken. En dan zit je hè, als je om drie minuten voor twaalf je belastingaangifte door moet sturen. Ik wel. Ja, daar is een app voor. Nee, dat durf ik niet, want ook daar zit een password op.

“Die hoop is precies de reden dat mijn buuf ook een sleutel heeft.”

4. De sleutel tot succes…

Ligt thuis op tafel. Niet verder vertellen, maar ik trek dus weleens de deur achter me dicht in de hoop dat de sleutels in mijn tas zitten. In de hoop dat, ja. En die hoop is precies de reden dat mijn buuf ook een sleutel heeft.

5. Oppoetsgereedschap

Ik conceal en poeder ’s ochtends tot de laatste wal zich terugtrekt, maar rond de lunch begint wallie aan zijn terugkeer. En soms, komt het poederen en kwasten er tussen de koffie en mijn shake niet van. Dan grijp ik in de auto nog even naar wat noodgereedschap in de vorm van mijn lievelingsmascara, maar drie weken terug greep ik mis. En waar de hel dat ding is? Ik hoop op een mooie reis samen met die vlamrode lippenstift, want ik mis ze als een gek.

6. Je tas

Als je tas kwijt is, dan is het een allesomvattend soort van kwijt zijn. Punt één, twee, vier en vijf zijn dan ook lost. En met een beetje pech heb je punt drie opgeslagen in punt twee. Snap je mijn punt? Laat dus nooit iemand je tassie effe vasthouden, want dat kon misschien nog in die goeie ouwe tijd maar nu niet meer. En als die gozer met je wil dansen, dan danst ‘ie ook maar met Louis of Coco. Oh, ik weet nog iets veul ergers dan je tas die foetsie is, want stel nou dat je tas van een designer was… Maar die van mij stond gewoon nog in het pashok hoor, halleluja.