Happy & Healthy

De 10 dingen waarin ik nog steeds een kind ben

Er zijn boeken volgeschreven over wat je allemaal moet doen voor je dertigste of wat je heel volwassen maakt, maar… zijn er ook boeken volgeschreven over de kinderlijke dingen die vrouwen nog altijd doen? Misschien wel, misschien niet, het kan me eigenlijk niet schelen, ik had gewoon zin om jullie eens even te verblijden met de tien dingen waarin ik nog steeds kinderlijk in ben.

1. Aan het eind van mijn geld houd ik altijd een stuk maand over

En dat is niet mijn eigen uitspraak, maar één van Loesje. Zó goed ben ik nou ook weer niet in uitspraken. Anyways, deze uitspraak staat dus op een mok die ik ooit van mijn opa en oma kreeg. Ik was toen zestien, en ik ben nu vijfendertig, dus ik bedoel maar. Het punt is: ik word altijd gered zodra ik in de financiële shit raak. Vroeger door mijn vader, nu door mijn vriend. SUPERonvolwassen. Maar als ik op Net-a-Porter zit, of op The Outnet, of op Zalando, of op 9Straatjesonline, of in de app van de Bijenkorf, of ik zit in een restaurant met heel goede wijn of fabuleuze chateaubriand, oké ik stop alweer, dan vergeet ik al mijn goede voornemens qua eindelijk volwassen worden/geld overhouden/sparen. En dan gaat alles, floepfloep, door het gat in mijn handje.

2. Ik laat mijn telefoon iedere dag wel een keer vallen

Veel van mijn ontzettend volwassen vriendinnen zijn zuinig met hun telefoon. Die hebben er een zonder krassen. Ze komen in ieder geval ‘uit’ met hun abonnement en hoeven nooit tussentijds een nieuw toestel aan te schaffen. Hoe anders is het bij mij. Ik laat ‘m minimaal een keer per dag snoeihard op de grond vallen. Omdat ik ‘m onhandig op de bank neerleg of omdat ik bijvoorbeeld met één hand probeer te appen. Oh, en hij is laatst in de wc geflikkerd, omdat ik ‘m verkeerd in mijn achterzak deed bij het weglopen. Ik had al doorgetrokken, wilde weglopen, maar toen hoorde ik opeens PLONS en was het natuurlijk jammeren geblazen, want daar lag mijn foontje moederziel alleen in het water te dobberen, de ziel.

3. Ik vergeet afspraken, a.k.a. heb je dan geen agenda?

Ik leef wat afspraken betreft een beetje bij de dag. Of liever gezegd: bij het uur. En zo komt het dat ik heel vaak afspraken vergeet. Dat is geen onwil, dat is gewoon omdat ik niet gewend ben om een agenda bij te houden. Ik denk nog steeds dat ik het allemaal uit mijn hoofd kan, wat vroeger kon omdat ik toen een overzichtelijk leven had, maar nu dus niet meer. Hopelijk dringt het na het schrijven van dit confronterende stukje een beetje tot me door.

4. Ik heb nog steeds katers omdat ik niet goed eet voor het drinken

Laten we zeggen dat ik mijn hoofd écht wel meer dan drie keer aan dezelfde steen gestoten heb. Er is echter nog steeds geen verbetering zichtbaar. Neen. Ik begin pas met zupen als er één kaasje en een bitterbal in het maagje zit en daarna vergeet ik gewoon nog wat meer te eten, en de gevolgen daarvan zijn nou niet bepaald om over naar huis te schrijven.

5. Gebakken aardappels en friet zijn nog steeds een verslaving, like: drie keer in de week

Deze is ook geestig en erg ongezond bovendien. Toen ik op kamers ging, ik was achttien, was mijn grootste genot en geluk dat ik nu iedere dag gebakken aardappels of smulfrieten met mayonaise mocht eten. Geen moeder die me tegenhield. Ik ben er nooit meer vanaf gekomen: ik ben nog steeds enorm opstandig. Als ik er trek in heb, dan heb ik er trek in ja?! En ik kan nog steeds kapót gaan als ik te weinig mayonaise bij mijn friet krijg in een restaurant. Die bakjes van tegenwoordig, die zijn toch veel te klein? Kan daar een Facebookpagina voor worden opgericht?

”Het enige wat helpt is met mijn handen in de bakjes met schroefjes wroeten”

6. Ik kan geen band plakken

Je leest het goed, een band plakken gebeurt bij de fietsenmaker. Mijn vader wil het niet meer doen en mijn vriend ook niet, dus tja.

7. Ik kan niet boren

Je leest het goed, ik kan ook niet met de boormachine overweg. Wanneer er fotolijstjes of schilderijen moeten worden opgehangen, dan is mijn enige (doch belangrijke!) taak met de stofzuiger bij het gaatje zuigen. Uiteraard ben ik wel heel kritisch over hoe en waar mijn vriend het gaatje boort.

8. Ik zit graag met mijn handen in de schroefjesbakken van de bouwmarkt

De bouwmarkt vind ik dus echt de allersaaiste plek ooit. Zodra ik er een binnenwandel trekt al het bloed uit mijn benen en word ik helemaal licht in mijn hoofd, een beetje zoals je je ook voelt wanneer je flauw gaat vallen. Het enige wat helpt is met mijn handen in de bakjes met schroefjes wroeten. En dus sta ik dat maar gewoon schaamteloos te doen, terwijl mijn vriend op zoek is naar ingewikkelde dingen.

9. Ik kan geen internet installeren

Geloof me, ik word woedend als ons internet niet werkt, maar je moet mij niet vragen om zoiets te installeren, ik krijg al een paniekaanval als ik er aan denk. Als we storing hebben weet ik ook NIET wat ik moet doen. Geen idee. Echt niet. Ja, wachten tot mijn vriend thuis is.

10. Ik praat als een baby tegen mijn vriend als ik dingen voor elkaar wil krijgen

Ik denk dat ik deze blijf doen omdat het helpt? Als ik iets wil, iets waarvan ik weet dat het misschien te duur of te raar of te last-minute is, dan ga ik heel raar praten. Echt zo raar dat ik me eigenlijk schaam. Maar het werkt wel! En dat is het belangrijkste.