Jet’s places

Zo ziet een dag zonder telefoon eruit

jets-places-een-dag-geen-telefoon

Mijn telefoon en ik zijn één. Het liefst heb ik hem zo dicht mogelijk tegen me aan en ik tik zo’n 20 keer per uur mijn toegangscode in, scrol alle social media af en stuur een onnodig appje. Tenzij mijn iPhone in de grote roze concentratiedoos gaat. Als de deadline van mijn stukjes nadert en ik nog niet echt ben opgeschoten, dan is deze doos pure noodzaak. Maar deze week zorgde iets anders ervoor dat ik een hele dag zonder mobiel moest doorstaan. En dat was heftig.

Plons

Ik had een leuke presentatieklus ergens in Vianen. Ik voelde me vet volwassen dat ik daar zélf IN EEN SCHAKELauto helemaal heen reed. Lees maar even hier waarom dat zo super cool is. Ondanks mijn lichte nervositeit over de presentatie ging dat best oké. Ik deed nog even snel een zenuwplasje. Nou ja snel, ik had een ingewikkeld supersonisch broekpak aan met een rits en knoopjes op mijn rug waar ik eigenlijk net niet heel erg goed bij kwam, dus ik zat al ontzettend te urmen en te tieren. En toen: PLONS, mijn telefoon in de plee. Zo helemaal onder water. PANIEK! Ik viste mijn kind er meteen uit en probeerde hem droog te deppen aan zo’n idioot droogdoekrolapparaat. Maar het was al te laat: het scherm viel uit. Sterker nog: mijn telefoon zwol helemaal op, het toestel werd loeiheet en begon idiote geluiden te maken. GODVER!

Slechte vriendin

Het eerste wat ik doe bij ongelukjes, vieringen, nieuwtjes of waddanook is mijn geliefde vriendje bellen. En dan kom je er dus achter dat je zijn nummer niet uit het hoofd weet. SHIT! Hij kan mij juist zo goed geruststellen in dit soort situaties en sowieso een toi toi toitje voordat iemand iets spannends moet doen is traditie bij ons. Dat was er allemaal niet meer bij.

De weg kwijt

Terug naar Amsterdam rijden kon ik natuurlijk nog wel. Maar zonder TomTom? Heus kan ik de borden naar Amsterdam volgen, maar welke afslag moest ik dan nemen naar de plek waar de geleende auto weer terug gezet moest worden? Dus? Verkeerde afslag. Hallo IKEA, hallo ArenA. Ik reed drie rondjes op een rotonde om goed de kleine bordjes te kunnen lezen en een keuze te maken. De goede keuze het liefst. En nog steeds kon ik mijn redder in nood (mijn vriendje dus) niet bellen. Zucht.

Tankstation-wifi

Onderweg had ik natuurlijk ook al lang door dat ik veel te laat aan zou komen bij mijn volgende afspraak. Appje sturen? Nope, kon niet. Ik had wel mijn laptop bij me, dus ik ben gestopt bij een tankstation en heb naast de vitrine met gehaktstaven mijn lap opengeklapt en met het wifiwachtwoord ‘pompstation’ een mailtje gestuurd. “Sorry, ik ben wat later.”

Apple Store

Afspraken deed ik bezweet en in de stress, want ik had nog steeds geen telefoon. Ik was overal te laat, moest steeds zoeken waar ik was en ook heb is zelfs een keer ouderwets de weg aan iemand gevraagd. Toen ik aan het einde van de dag eindelijk tijd voor de Apple Store had, kreeg ik te horen van een zeer vriendelijke en rustige meneer dat de wachttijd 2,5 uur was. De andere optie was dat ik pas drie dagen later terug kon komen voor een afspraak. DAMMIT! BIJNA TRANEN! Ik ben gaan wachten. Ik moest en zou een nieuwe telefoon. Gelukkig, het duurde maar een uur. De eerste meevaller van de dag. Toen gebeurden er allemaal dingen waar ik gewoon niet meer over wil nadenken. Iets met van de stress mijn toegangscode niet meer weten, iets met PUK-codes die ik natuurlijk niet heb, iets met eigenlijk nooit in mijn leven een back-up te hebben gemaakt, iets met beginnen met een lege telefoon zonder foto’s, apps en app-geschiedenis.

Een nieuw begin

Behoorlijk veel geld lichter fietste ik weer naar huis. Ik koos een nieuwe achtergrondfoto, downloadde mijn favoriete apps, maakte een nieuwe toegangsfoto, activeerde mijn appgroepjes weer en stelde de trillingen en toontjes in naar mijn wensen. En weet je? Het voelde eigenlijk wel lekker. Als een nieuw begin.