Dit is je ergste nachtmerrie

Kiki

Ik kom thuis en hoor een vreemd geluid vanuit mijn slaapkamer. Nietsvermoedend loop ik de trap op. Ik doe de deur open en zie dat wat ik mijn ergste vijand nog niet toewens. Mijn vriend, naakt bovenop een ander. Mijn ogen vernauwen zich tot spleetjes. Mijn hart staat stil. Keel wordt dik. ‘Sander, hoe kun je?’ stamel ik. Hij kijkt me aan en lacht. Steeds harder. Zij ook. Ze negeren me en gaan door met vozen. Ik sta als aan de grond genageld. Begin te hyperventileren.

 

En toen ging de wekker.

 

Nachtmerries zijn bitches. We hebben ze allemaal en zéker van het terugkerende soort, en dus werd het tijd voor een rondvraag op de redactie. Dit zijn onze ergste.

 

Tessa

‘Ik zie heel vaak in mijn dromen een vliegtuig neerstorten. Ik zit er dus zelf niet in, maar ik zie het boven mijn hoofd naar de grond vallen, vlakbij waar ik ben, bang dat het op mijn eigen huis stort. En dan roep ik: ‘We moeten schuilen in de kelder!’, maar ik heb helemaal geen kelder en dan breekt de paniek uit.’

 

May-Britt

‘Toen ik deskundige was bij RTL Boulevard droomde ik altijd dat ik EN geen idee had wat ik moest vertellen EN dat er geen tijd meer was voor haar en make-up. En ik had expres niets opgedaan omdat visagisten dat liever hebben. Dat was echt het allerergste. Dat ik daar zonder make-up achter die desk moest zitten en dan ook nog eens niet wist wat ik zou gaan zeggen.’

 

Adeline

‘Ik heb jaaaaaren gedroomd dat ik achterna gezeten werd door een soort special forces team, maar dan van het criminele soort. En dat ik van achtertuin naar achtertuin tijgerde en mezelf bij onbekende mensen naar binnen wurmde (dat was plots ook allemaal in het dorp waar ik opgroeide terwijl ik daar allang niet meer woonde). Vermoedelijk keek ik in die periode te veel actiefilms. Denk ik hoor.’

 

Lilian

‘Ik heb jarenlang een heel enge terugkerende nachtmerrie gehad waarbij ik over straat liep en een enge man met een witte lange cape zag. Hij hing post-its op met daarop in kapitalen de ergste ziektes die je maar kunt krijgen. Op het moment dat je de tekst las, kreeg je de ziekte. En natuurlijk las ik het iedere keer meteen en dan wist ik dat het te laat was. Doodeng.’

 

Kiki

‘Ik word met mijn hele familie gevangen gehouden in een bos vol indianen. Op de achtergrond hoor je een harde drum. De drum wordt steeds harder, het ritme sneller en op een gegeven wordt duidelijk dat íemand van ons moet worden geofferd. Degene van de groep die het minst snel al zijn kleding kan uitdoen en wegschoppen wordt vermoord. Mijn opa is als laatste en zijn hoofd gaat op het hakblok. Jankend werd ik wakker.’