Wat ik mezelf hoor zeggen nu ik weer sport

Adeline Wat ik mezelf hoor zeggen nu ik weer sport 


Na jaren weer in een sportschool staan, dat brengt dingen teweeg in mijn leven. Een beetje onwennig voelt het, alsof de juf je zo naar buiten stuurt omdat je het eigenlijk toch niet kan. Maar inmiddels ben ik drie keer geweest, mocht ik alle keren blijven, en dat doet dingen met je. Je spreekt plotseling sporttaal. Ik-ga-naar-de-sportschool-taal. Luister maar even.

 

“Nee, ik sla deze hemelse taart even over, want ik heb gesport vandaag. Aaaaaah.”

Zeg ik dus tegen de red velvet-taart van vijftig centimeter doorsnee op mijn bureau. Ik heb mezelf even opnieuw aan mezelf voorgesteld. Einde middag rijd ik meteen naar de psych voor een grondige check-up van de bovenkamer.

 

“May, wil je ook zo’n lekkere proteïneshake?”

Ik voel me zó intens sportief als ik met een knalrode kop en zo’n drankje dat er ook nog eens perfect bij kleurt terug naar de redactie hijg (van lopen is geen sprake meer). Sexy niet bepaald, sportief blijkbaar wel.

 

“Ik ben gewoon niet zo gemaakt om op te drukken.”

Dat bedoel ik. Ik dacht vorige week nog dat níemand gemaakt was om push-ups te doen, nu denk ik het alleen van mezelf. Komt doordat May gewoon haar rechtervoet om haar linker haakte toen ze op de seconde precies haar drukkers deed. Holy guacamoly.

 

“Even kijken hoeveel stappen ik vandaag gezet heb.”

Want ik fitbit ook. Vorig weekend schrok ik me kapot, want het ding begon ineens te schudden en te trillen om mijn pols. Heeft ‘ie nog nooit gedaan sinds ik hem van Simone in bewaring kreeg. Ik schijn records te breken. Sinds ik sport dus, hè?

 

“Ja, de nieuwe collectie sportpakjes van H&M ziet er inderdaad te gek uit.”

Ik heb nog nooit meer dan een joggingbroek bekeken op de site van Hennes om mee op de bank te hangen, maar nu zie ik belijning op broekjes, ergonomische sokken: alles.

 

Ook in de categorie aan het lijf: “Lief, ik moet even een sportwas draaien voor morgen.”

Een sportwas, ik had geen idee dat zoiets bestond. Dit heb je vooral in den beginne, als je sportgarderobe nog bestaat uit één broek en twee shirts en je het in je malle hoofd haalt om vandaag én morgen te gaan. Daar krijg je sportwassen van.

 

“Heb jij je lesje al geboekt?”

In twee weken ben ik een volslagen ander mens. Normaal boek ik vakanties of een tafel in een restaurant bij de vleet, nu boek ik lesjes bij de sportschool.

 

“Ik heb dus heel coole bokshandschoenen gekocht.”

Echt, alsof ik m’n nieuwe cowboyesque laarsjes sta te showen. Koekoek ben ik.

 

En niet te vergeten… “God, mijn bilspieren, mijn buikspieren, mijn arme armspieren, mijn nekspieren, bestaan nekspieren?”

Nog. Nooit. In. Mijn. Leven. Zoveel. Spierpijn. Gehad.