Waarom je nooit meer in januari moet stoppen met roken

stoppen met roken vrouw in rode trui op het balkon roken met koffie

 

De score: ik heb al twee keer gehuild. Een keer gewoon toen ik aan tafel zat zonder dat er iets gebeurde en een keer toen ik op de grond lag om oefeningen te doen voor mijn hernia. Tranen met tuiten, terwijl je dwarse buikspieren aanspannen en je rechterbeen een fietsende beweging laten maken heus niet zo verdrietig is. Mijn vriend voelde zich per direct aangesproken. Had hij de vakantie verpest? Wat was er? Waarom deed ik zo? En of ik het toch niet erg vond dat hij even buiten een sigaretje ging roken… Nee, natuurlijk niet, lief. JAWEL.

 

Wat ik aan geen mens vertelde is dat poging één en poging twee jammerlijk mislukten. Eerlijk, ik schaamde me toch een beetje. Je kondigt met net wat teveel bombarie aan dat je de sigaretten aan de wilgen hangt en een maand later sta je weer onder het afdakje in de tuin te rillen in de kou en te hijsen aan een peuk. Sneu, dat was het.

 

Op 3 december liet ik mezelf met nog zo’n 200 rokers in een zaal stoppen in Amsterdam. Zo’n congrescentrum dat niet gezellig te slaan is. Kuipstoeltje dat niet lekker zit, zo’n verhaal. Ik schoof aan bij een avond van Ikstopermee.nl, zij zeggen dat je na een avond van vier uur nooit meer een sigaret aanraakt. Of in ieder geval tachtig procent van de bezoekers. Ik ging alleen, wat het nog een tandje erger maakt. Je kunt dan tegen niemand zeggen hoe droef het eigenlijk is dat je dit nodig hebt, je kunt het met niemand weglachen. Ik luisterde vier uur naar een verhaal over wat je hoofd met je uithaalt als je een sigaret opsteekt. Wat me het meeste bij bleef was dat ik in een permanente minder gelukkige staat ben dan een niet-roker. Ik nam verplichte rookpauzes en luisterde en luisterde, tot ik om kwart over tien ’s avonds mijn laatste twee sigaretten rookte. Achter elkaar, ik heb er nog steeds maar één woord voor: gat-ver-dam-me. Wat was die tweede vies.

 

Mijn laatste sigaret was een vieze sigaret. Ik heb al zeker vijfenzeventig keer serieus zin gehad in een sigaret en al zeker vijfenzeventig keer niks opgestoken. Morgen heb ik een feestje en ik ben een beetje bang, maar ik doe het niet. December hangt van feestjes aan elkaar, dus hoe onhandig om nu te stoppen, denk je misschien. Nee, dat is het dus niet. In januari vraagt iedereen het je, waardoor je nonstop aan roken denkt. Mindfuck, jawel. Op 1 januari heb je een kater en dus zin om te roken. En het is wetenschappelijk aangetoond dat goede voornemens waar je in januari mee start sneuvelen. Dan weet je dat alvast.

 

Ik zit in een cafeetje om de hoek van de redactie dit stukje te schrijven. Het is buiten zo’n zes graden, het is klam, alles is nat, het is half tien en nog steeds een beetje donker en er zit buiten aan een tafel een man een sigaret te roken met een kop koffie. Dat wil ik dus niet meer, dat wil ik nooit meer. Ik wil niet als enige naar buiten moeten op een feestje omdat ik bij een glas wijn aan een sigaret denk. Ik wil niet dat iedereen weet dat ik rook, omdat mijn geur een mengeling is van Kilian en Marlboro Light. Ik wil gewoon nooit meer roken. Twee weken geleden ging ik naar een avondje van Ikstopermee.nl en ik heb nog geen sigaret aangeraakt.