Het bukvrouwtje

maybritt mobach lachend met een terracotta blouse, roze rok en hortensia tas

Op kantoor kunnen wij collectieve opruimbuien hebben. Heeft ongetwijfeld iets te maken met tegelijk menstrueren: dat schijnt en blijkt te gebeuren als je vrouwen langere tijd bij elkaar zet. Maar met mij is iets aan de hand. Mijn opruimdrift beperkt zich niet meer tot kantoor en mijn huis, het wordt groter dan dat.

 

Het begon klein: als ik mijn hond uitliet en ik bukte om het een en ander dat zij teruggaf aan de natuur (ik probeer heel erg het woord ‘poep’ te vermijden, dat merk je) op te rapen, pakte ik meteen wat mee dat ik in een omtrek van twee meter trof. Maar nu zit ik in de opruimgroef en loop ik als een bukvrouwtje over straat. Blikje bier in de heg van de buurman (souvenirtje van Bevrijdingspop, bedankt bezoekers voor het bevuilen van de buurt), pak ik even mee. Een leeg plastic bakje naast de prullenbak, ach, dat kieper ik er even in. Inmiddels ga ik ook bukkend door het leven als ik met mijn geliefde uit eten ben geweest. Hij keek heel verbaasd toen ik na een gezellig loopje van restaurant naar auto ineens door de knieën ging. Was de wijn me teveel geworden? Nee, het was een Bounty-wikkel die me niet aanstond.

 

Ik heb constant Boyan Slat op mijn schouder zitten die me vertelt hoe lang het duurt voordat zo’n plastic papiertje verwerkt is, dus ik kan het gewoon niet laten liggen.

 

Er zit denk ik maar één ding op om niet voor mafketel versleten te worden: dat jullie allemaal met me mee doen. Wat zullen de straten mooi en schoon zijn als we bukkend door het leven gaan en die squats in de gym, die kunnen we dan ook meteen gevoeglijk overslaan.

 

Win-win, kortom. Kun je nog bukken, buk dan mee.