category image

Alles wat we missen aan Lowlands

vrouw op festival blaast bellen

Dit is toch wel huilen hoor. 2020 is denk ik voor niemand geweest wat ze hadden gedacht, maar met de meeste dingen kon ik het wel dealen. Geen vakantie? Bummer. Maar ook geen ramp. Geen festivals, ook wel heel jammer. Maar nu. Dit weekend. Ik typ dit vanuit m’n huis. In Amsterdam. Niet vanaf een camping. In Biddinghuizen. En daar baal ik van want hallo, LOWLANDS. Daar was ik anders gisteravond aangekomen en dan had ik nu al een gigantische kater. Was ik nu m’n tent aan het uitzweten. Je snapt: ik baal. Jij ook, als je zou gaan. En zelfs de stomste Lowlands-dingen mis ik nu. En de leuke natuurlijk ook.

Wieke lowlands

Alles wat ik mis aan Lowlands 

1. Het vloeken bij aankomst. Als je die gigantische rij zit. Sterker nog, vloeken als je in de file staat op de dijk. Denken dat je heus wel vroeg genoeg bent weggegaan. Maar dat wachten en dat klagen over het wachten is zó gezellig. Schaamteloos een eerste biertje opentrekken terwijl het nog nauwelijks middag is.

2. Gewoon de hele camping. Heerlijk hutjemutje op elkaar staan, stress of de hele groep wel erbij kan, want lang een plek bezet houden is aso en aan aso doe je niet op Lowlands. Dat eerste drankje als ein-de-lijk alles staat en je neerploft in je campingstoeltje. Nergens comfort, maar oh man, wat een geluk.

3. De donderdag. Feestjes op de camping en sinds een paar jaar ook feestjes op het terrein zelf al. Die donderdag hóórt gewoon bij het hele festival, al is er nog geen optreden te vinden. Vrijdag al brak wakker worden maar dat maakt helemaal niets uit want dan begint het pas echt.

4. Vooraf druk speculeren over wat het weer gaat doen terwijl het eigenlijk niet uitmaakt. De leukste Lowlands-herinneringen die ik heb: geen idéé of het toen stralend mooi weer was. Tuurlijk, onweer is onprettig, maar regen, zon, hittegolf (al vond ik díe iets te pittig voor op Lowlands), het maakt allemaal niet uit. Want je bent op Lowlands dus je bent blij.

5. Het eten. Ohhh, HET ETEN. Ik kan serieus zó gelukkig worden van het eten hier. Naar de broodjes kebab kan ik het hele jaar uitkijken, maar ook de gezondere opties zijn zo lekker. De loempia’s en bijbehorende feestjes bij die eettent daar. Eten is hier echt een feestje.

6. Het hangen op de heuvel bij de Alpha. Maakt niet zoveel uit welk optreden er gaande is; gewoon hangen met een groep en een drankje op die heuvel. Liefst met een zonnetje erbij natuurlijk, maar echt: ultiem genieten dit. Puur geluk.

7. Je laten verrassen door acts die je nog niet kende. Zo stond ik een paar jaar geleden bij een volledig onbekende Dua Lipa omdat ik dat ene nummer Be The One wel catchy vond. Maar ook bij Die Antwoord terechtkomen (toen nog in de Grolsch) en niet weten wat je overkomt: wát een show.

8. Je laten meeslepen bij de acts die je wél al kent. M’n slipper kwijtraken in het voorste vak tijdens The Opposites. Versteld staan bij Muse. Meeschreeuwen bij Bastille. Teruggegooid worden naar m’n skaterperiode met Blink 182. De Foo Fighters die altijd ongeëvenaard blijven.

9. Op zondag altijd nét te hard gaan zodat je maandag vroeg in de ochtend absoluut niet nuchter je tent weer afbreekt (of hem gewoon laat staan). In een roes richting de auto, uiteraard ontbijten bij de Mac en vervolgens vijf dagen bijkomen — en dan mag het aftellen beginnen.

Ben ik nog wat dingen vergeten? Oh zeker. Wc-concerten. Het wachten voor de douche. De onbekende mensen die ineens je beste vrienden zijn. Iedereen kwijtraken en de avond van je leven hebben. Geen stem meer hebben. Geen spiegel, geen make-up en geen stijltang en je het allerbeste voelen. Zeggen dat je naar ‘huis’ gaat waar je de komende vier dagen een ieniemienie tentje mee bedoelt.

Now excuse me, ik ga even dit concert terugkijken en doen alsof ik er tóch bij ben. Sorry buren.