category image

De 9 voordelen van 30 worden en zijn

Vrouw drinkt koffie en blaast kaarsjes uitVroeger, toen ik nog dropshots in plaats van gembershots dronk, vond ik dertig héél oud. Nu ik dertig ben, vind ik dertig zijn nog stééds best oud.

Want er verandert een hoop in je leven als je die magische grens van the big three O bereikt. Het is alsof je een tijdperk achter je laat, je twintiger jaren. Die waren mooi, druk, dronken en wild, maar joh, nu is dat wel weer leuk geweest. Tijd voor focus en doen wat er echt toe doet in het leven. En zo erg is het niet om wat serieuzer in het leven te staan: dit zijn de 9 voordelen van 30 worden en zijn:

1. Je hoeft minder
Ik vind het wat minder erg om eens ergens niet bij te zijn. Ik vind het oké om niet als laatste op het feest te zijn. Het geeft rust, dat het je wat minder boeit wat anderen vinden en denken.

2. Je kunt beter ‘nee’ zeggen
Ik ben nogal slecht in ‘nee’ zeggen en doe dan ook alles wat iedereen vraagt. Of nou ja: dééd. Nu ik iets ouder ben en de tijd veel heeft geleerd, kan ik makkelijker voor mezelf kiezen.

3. Je vrienden zijn je echte vrienden
Dat je beter voor jezelf kunt kiezen komt volgens mij doordat je nu een betere basis hebt in je vriendschappen. In je jongere jaren wil het nog wel eens wisselen, waardoor je meer het gevoel hebt dat je je best moet doen voor iedereen die je pas kruist. Nu weet ik precies wie mijn echte vrienden zijn en aan wie ik dan ook echt aandacht en liefde wil besteden.

4. Je eet een kroket
Tja, wie nog jong en vrijgezel is let vooral op elke kilo. Nou, dat maakt me nu niet zo heel veel meer uit, want kom op, er zijn andere dingen om je druk over te maken. Dat André en Bridget uit elkaar zijn bijvoorbeeld. En dat Jennifer en Brad elkaar weer spreken. En dus eet je heerlijk witte chocolademousse en frietjes oorlog.

5. Je bent zelfverzekerder.
Een berg aan data laat zien dat zelfvertrouwen met de jaren stijgt: rond je zestigste ben je het zelfverzekerdst, maar ach, rond je dertigste zit je dus al op de helft van die piek. Je twijfelt minder aan je kunnen, aan wat je weet en wat je wilt in het leven. Je weet wie je bent en waar je voor staat.

6. Je hebt duidelijke doelen
Daarover gesproken: je weet beter dan een tijd terug wat je wilt bereiken in je carrière. Eerst werk je vooral aan je cv, bouw je een netwerk op, verdien je je studieschuld een beetje terug… En dan is geld gewoon geld. Maar op je dertigste durf je meer te gaan voor wat je écht wilt doen met je tijd op deze aarde.

7. Je besteedt je tijd beter
Vroeger zwierde ik altijd maar rond in die stad. Ik kende de straten, de kroegen en de pleinen en nu? Heb ik daar als moeder van twee dreumesen geen tijd meer voor. Maar dat is lekker, want ik ken de stad toch nog wel, van vroeger, dan. En de vrije tijd die ik momenteel heb, besteed ik daardoor nuttiger en beter dan hangend op een terras. Aan mensen en dingen die ik écht belangrijk en leuk vind, dus.

8. Je bent meer thuis
Vroeger logeerde ik op vrijdag bij die vriendin en op zaterdag bij de ander. Ik ontbeet, lunchte en borrelde buiten de deur. Ergens sporten, kletsen, stappen. Altijd. Meer dan ooit ben ik nu thuis. En eerlijk? Dat is fijn. Thuis is je plek, je veilige haven, waar je helemaal jezelf kunt zijn. Waar de koffie het lekkerst smaakt.

9. Je maakt je minder zorgen
Vroeger dacht ik: omg, ik kan écht niet een dag niet naar werk gaan. Nu ik ouder ben denk ik: weet je, jammer dan, ik blijf een dag thuis. Vroeger dacht ik: omg, ik kan echt niet last-minute een etentje cancellen. Nu denk ik: joh, komt wel weer volgende week. De wereld vergáát dan niet. Je durft meer. Je durft egoïstisch te zijn. En dat is goed: want je moet vooral aan jezelf blijven denken. Niemand anders doet het voor je.