category image

Zoet op zondag: Pecan Shortbread Cookies

Tess hoens met haar bak creatie

De kunst van het bakken. Als kind kreeg ik het niet mee. Mijn moeder kookte elke avond uitgebreid en heerlijk, dat is haar met een chef-kok als vader met de paplepel ingegoten. Alleen bakken, daar had mama nou helemaal niets mee. Ik kan me goed herinneren dat ik voor mijn verjaardag trakteerde op school toen ik een jaar of acht werd en wij kant-en-klare beslagmix voor cupcakes kochten. Je moest water toevoegen aan de poederige substantie, het geheel in muffinvormpjes gieten en afbakken. Zelfs dit creativiteitsloze baksel vond ik magisch. Ik bleef op een krat voor de oven zitten en keek door het raampje naar de vormpjes die steeds voller en boller leken te worden. Toen ze eruit mochten en de hele keuken geurde naar muffins was ik verkocht. Dit was het leukste ooit. Alleen duurde het lang voor ik verder zou bakken, afgezien van een keertje brownies bakken met een oppas (alweer een magische ervaring).

Hoe ouder hoe vaker en de laatste maanden maak ik bijna elke week wel iets. En ja, al voordat corona begon. Ik vind het fijn om door de boeken te bladeren op zoek naar het juiste recept. Het mixen en mengen. Muziekje aan. Ik word er rustig van (tenzij er iets misgaat, dan scheld ik mezelf en de keuken de huid vol). Ik probeer veel recepten uit boeken, van blogs en cursussen en neem jou mee. In de recepten voeg ik een beetje Tess toe, zodat je niet tegen dezelfde problemen aanloopt als ik. Deze week kies ik een recept dat niet te ingewikkeld is en waar ik vaak en veel eters blij mee heb verrast. Het komt van Sarah Crawford uit New York, op Instagram bekend onder de naam @bromabakery. Een scroll door haar feed en het liefst maak je meteen alles tegelijk, maar we beginnen bij de pecan shortbread cookies. Wat hebben we nodig?

Koekbodem

  • 170 g ongezouten roomboter, kamertemperatuur
  • 100 g suiker
  • ½ tl vanille-extract (investeer in die dure, hè!)
  • 255 g bloem
  • ¼ tl zout

Pecannotentopping

  • 110 g ahornsiroop, op kamertemperatuur
  • 1 ei, op kamertemperatuur
  • 1 tl vanille-extract
  • 1 tl ahornsiroopextract, dit is wat lastiger te vinden in Nederland, en ik gebruik zelf een theelepel rum, maar je kan ook als vervanger de hoeveelheid vanille-extract verdubbelen
  • ½ tl zout, ietsje meer kan ook lekker zijn
  • 15 g ongezouten roomboter, gesmolten
  • 15 g bloem
  • 250 g pecannoten (door de helft, maar dat is waarschijnlijk ook hoe je ze kent)

Bereiding

1. Verhit je oven alvast voor op 175 graden, smeer een diepe bakplaat van 23 cm bij 23 cm lichtjes in met boter en bekleed die vervolgens met bakpapier. Een springvorm kan natuurlijk ook, maar houd er rekening mee dat de inhoud ongeveer hetzelfde moet zijn.

2. Maak de koekbodem door de boter, suiker en het vanille-extract te mixen tot het ‘fluffy’ wordt. Doe de bloem en het zout erbij en mix tot het net gemengd is (niet langer, dan wordt het taai). Het zal wat kruimelig zijn.

3. Duw het geheel in je bakplaat en zorg ervoor dat het een redelijk gelijke bodem wordt. Zet apart.

4. Maak de topping door in een grote kom de gesmolten boter en de bloem te roeren tot zich een soort dikke pasta vormt. Voeg de ahornsiroop, het ei, het vanille-extract, het ahornextract (of je vervanger) en het zout toe en roer tot alles goed gemengd is. Voeg als laatst de pecannoten toe.

5. Giet het mengsel op je koekbodem, spreid indien nodig uit met de bolle kant van een lepel.

6. Bak ongeveer 40 minuten in de voorverwarmde oven en laat compleet afkoelen voor je de koek in stukken snijdt. Bak de koek wat korter voor het Amerikaanse ‘doughie’ effect dat meteen in je mond smelt en wat langer voor een meer Nederlands zandkoekeffect met meer crunch. Ken je oven.