category image

Zoete Zondag

De appeltaart, het blijft een beetje een ondergewaardeerd baksel onder de mensen die echt graag bakken. Het voelt niet als een taart om indruk mee te maken op een verjaardag, omdat iedereen in principe een appeltaart kan bakken. Maar jeetje, ik was eventjes vergeten hoe lekker een goede appeltaart is. Stevige korst, lichtelijk zure appelsappige binnenkant met een vleugje kaneel. Een beetje geklopte room bij elke hap. Het water loopt me nu alweer in de mond.

Ik heb me de afgelopen tijd flink verdiept in de Hollandse appeltaart en verschillende recepten. Zo maakte ik er eentje uit het kookboek van Holtkamp. Kees Holtkamp voegt aan zijn vulling zowel rozijnen als krenten toe en tussen de appel en het deeg gaat nog een laag amandelspijs. Kees kan voor mij bijna nooit de mist in gaan maar dat laatste was voor mij persoonlijk een beetje too much. Ik eet mijn appeltaart dan toch graag simpel, zonder culinaire fratsen, zoals een oma ‘m zou bakken. Zo kwam ik uit bij een recept van Miljuschka. Haar taartrecepten zijn vaak juist onbeschrijfelijk machtig, maar aan de ingrediënten van het appeltaartreceptje zag ik al dat dit mij zomaar goed zou kunnen bevallen.

Het deeg

  • 125 g roomboter op kamertemperatuur
  • 350 g bloem
  • 1 mespunt zout
  • 250 g suiker
  • 2 tl bakpoeder
  • 2 eieren
  • 1 eigeel

De vulling

  • 1,5 kilo appels, een mix van Goudreinet en Jonagold in blokjes maar niet geschild (zelf ging ik voor een mix van Goudreinet en Granny Smith voor een extra zuurtje)
  • 75 g rietsuiker (naar mijn mening alleen voor de échte zoetekauw een goed idee)
  • 1 el koekkruiden of kaneel (ik kies altijd kaneel, dat geeft een puurdere smaak)

Geen poespas tussen de ingrediënten, al mag je er natuurlijk altijd voor kiezen om wat rozijnen of noten door de vulling te doen als je daar van houdt. Ik ging aan de slag en koos ervoor om twee kleine varianten te maken in plaats van één grote. Bij de eerste deed ik de rietsuiker door de vulling en bij de tweede liet ik die achterwege. Het zoete deeg en de appels die tijdens het bakken nog zoeter worden hebben naar mijn mening geen extra rietsuiker nodig. De smaken mogen elkaar best een beetje tegenspreken. Met een te zoete vulling wordt het al gauw een wat eentonigere sensatie in de mond.

Instructies

  1. Verwarm je over voor op 160 graden.
  2. Snijd de appels hoe jij dat lekker vindt. Ik sneed blokjes en reepjes en ging hiermee voor een gemengde structuur. Wees niet netjes, dat is nergens voor nodig. Voeg de kaneel toe aan de appels en als jij de rietsuiker erbij wil is dit het moment die ook met de appeltjes te mengen.
  3. Meng de bloem, het bakpoeder, het zout en de suiker door elkaar. Meng daarna de eieren en de boter erdoor en kneed het geheel tot een deeg. Maak er twee bollen van en leg iedere bol tussen twee lagen plastic folie. Rol uit tot een dunne plak (de folie voorkomt veel geplak en daarmee frustratie).
  4. Leg de plakken even weg in de vriezer (dat heeft dezelfde reden).
  5. Trek de ene kant van het plastic folie eraf en leg die in de vorm, trek daarna de andere laag eraf (zie je hoe gemakkelijk dat nu gaat?).
  6. Vul met de appels.
  7. Maak van de andere laag deeg de bovenkant. Ik ging voor grove stukken voor een rustiek effect, maar je kan ook een mooi en netjes ouderwets raster maken. Het is maar net waar je zin in hebt.
  8. Strijk je taart af met eigeel en bestrooi met een beetje rietsuiker. Gebruik de rietsuiker hier wel echt, want het is meer voor een mooi optisch effect.
  9. Bak de taart een uur in de voorverwarmde oven en serveer met ongezoete, geslagen slagroom (eventueel wel met een beetje verse vanille erdoor) of vanille-ijs. Net wat jou gelukkig maakt.