Work & Money

Woman Behind The Brand: Patty Zomer

By

De modewereld staat niet bekend om liefde, inclusie en gelijkheid. Dat schreeuwde de Inside America’s Next Top Model documentaire van de daken. Patty Zomer wist hier alles van af na jaren styling en haar tijd bij de 80’s meidengroep Dolly Dots. Daarom wilde ze iets creëren dat voor iedereen is. En zo is haar kledingmerk Speezys geboren.

De naam Speezys klinkt alsof er een heel brainstormteam aan gewerkt heeft, maar de herkomst van de naam is een stuk minder glamorous en veel schattiger dan je denkt.

Mijn vader was stukadoor en werkte met ‘specie’. Dat bleef hangen. Eigenlijk wilden we beginnen met ‘species’, van soorten, omdat wat wij allemaal een species van de wereld zijn. De kaftan past voor iedereen: of je lang bent, klein bent, een man, een vrouw. Maar die naam was natuurlijk al honderd keer geclaimd. Dus combineerden we een stukje van thuis met species en zo ontstond Speezys.

Je werkte jaren als stylist en hoe spannend die wereld ook lijkt, op een bepaald moment begon het te borrelen en wilde je meer.

Ik was het een beetje zat. Ik werkte al tijden in de styling en die wereld veranderde: hij werd kleiner en drukker, en het was heel hard werken. Ik verkocht al wat langer basisitems aan cliënten on the side, dus iedereen zei tegen mij dat ik een basiscollectie moest maken. Maar dat vond ik saai. Dat bestaat al. Ik had behoefte aan een kledingstuk dat niet dicteert wat in de mode is, maar juist laat zien hoe je je idealiter wilt voelen. Comfortabel. Vrij. Ik ben altijd dol geweest op kaftans, droeg ze zelf al veel. Daar wilde ik iets mee.

Je houdt van inclusie, iedereen is gelijk, of je nou jong of oud bent. Je vond het belangrijk dat als je een kledingstuk op de markt zou brengen, dat het iets zou zijn waar iedereen zich goed in voelt.

Een kaftan is vrijheid: je stapt erin, en je bent klaar. Er hoeft niks onder en je hoeft nergens over na te denken. Op het strand, thuis in bed of met een sleehak, ceintuur en sieraden de stad in. Dat vind ik er zo leuk aan: het kan alles zijn. En het is voor iedereen. Dat vind ik misschien nog wel het belangrijkste. Jong en oud; iedereen kan het op zijn eigen manier dragen.’’

Jouw styling journey begon al in de jaren 80, bij je tijd in de Dolly Dots. De laatste vijf jaar stylede je de groep met medelid Esther Oosterbeek. Daarna ging je door naar De Modepolitie , het programma waarin je elke week, op zoek naar de slechts geklede Nederlander en smeet daar een nieuwe garderobe tegenaan. Zijn er lessen uit die tijd die nog steeds in je hoofd nagalmen terwijl je werkt aan Speezys?

Mode is relatief. Trends komen en gaan, dat is ook de fun van styling, maar de essentie is dat iemand zichzelf blijft. Wat ik in al die jaren heb geleerd, is om echt naar de persoon te kijken. Wie is iemand? Hoe beweegt iemand? En wat straalt dat uit? Ik kwam natuurlijk uit de muziekwereld. Daar kan veel; dat is circus. Toen ik later voor De Modepolitie met ‘gewone mensen’ werkte, zag ik pas hoeveel mensen vastzitten in een bepaald beeld van zichzelf, of niet durven te laten zien wie ze zijn. Terwijl iedereen gezien wil worden. De een kan tijgerprint aan en komt aan de lampen slingerend naar binnen, de ander doet dat subtieler met vorm, een mooi jasje of accessoires. Daar kijk ik naar. Je hoeft niet elke trend te volgen, maar je mag jezelf telkens twee millimeter ontwikkelen.

Britt Das en en jij zijn totaal verschillende mensen, toch gaat de samenwerking jullie al acht jaar goed af. Hoe is het om samen een merk te hebben?

Nou, dat is daredevilend. En dan ben ik wel wat gewend met vijf vrouwen. Britt en ik zijn totaal verschillend: zij is meer van het minimalistische, ik ben meer van nog even een funky zonnebril erbij. En daar ergens in het midden vinden wij elkaar. Bijvoorbeeld als we kijken naar kleuren en vormen voor een nieuwe collectie, we zijn het altijd eens. Dat is heel bijzonder. Terwijl we als mens dus heel anders zijn.

Is het meant to be of is het gewoon een kwetsie van keihard werken en buffelen?

Ik geloof heel erg in het spirituele, dus er zit misschien wel iets in van ‘het is je gegund’. Maar aan de onderkant is het gewoon kneiterhard werken. We hebben geen investeerders, we doen alles zelf. Dus het is investeren, investeren, investeren. Zeker als je een nieuwe collectie maakt, dat kost gewoon veel. En als klein merk kom je ook altijd achteraan in productie. Eerst de grote spelers, dan pas jij. Dus ja, het is echt doorzetten.

Ook al is de kaftan helemaal Patty Zomer, zijn er ook stukken uit jullie collecties die je zelf nooit zou dragen?

Ja, er zijn zeker stukken die ik nooit zou dragen. En ik sta achter alles hoor, alleen ik word 65. Ik wil niet zeggen van; oh je bent boven de 50, dus mag je geen short aan. Als jij er de benen en de durf voor hebt: altijd doen. Dat vind ik helemaal te gek. Maar ik ben meer een tomboy, ik hou van een baggy short tot de knie. Toch zit er wel veel van mij in de collecties. Ik ben begonnen met kaftans en die draag ik zelf ook, ook vintage. Dat is echt wie ik ben.

Van wie word je het gelukkigst als je haar in Speezys ziet?

Er kwam laatst een hele leuke vrouw naar me toe in onze kaftan met cowboylaarzen eronder. En ze had hem helemaal gestyled met kettingen. Dat maakt mij het allergelukkigst. Natuurlijk heb je dromen van upgrades dat je genoemd wordt door gerenommeerde bladen, maar uiteindelijk gaat het daar niet om. Het gaat erom dat mensen jouw stukken echt dragen.

Na tien jaar Dolly Dots was het van de ene op de andere dag klaar en was je zomaar je vijf “zusjes” kwijt. En daarna volgde best een donkere periode. Als je je 25-jarige zelf over Speezys zou kunnen vertellen, hoe zou ze reageren?

Die zou sowieso zeggen: oh, hell yeah. Ik ben een avonturier, ik ben niet bang, en dat zat er toen ook al in. Ik had misschien niet per se gedacht dat ik een eigen merk zou hebben, maar dat er nog van alles te doen was. Dat was voor mij zeker geen verrassing. Toen ik net uit de Dolly Dots kwam, was ik 25 en ineens alleen. Ik begon aan dat avontuur toen ik 16 was. Ik miste mijn meisjes heel erg: dat gevoel van samen zijn, altijd iemand om op terug te vallen. Dat vond ik moeilijk. Maar tegelijkertijd kreeg ik ook iets nieuws: vrijheid. We hadden vroeger maar drie weken vakantie per jaar en ineens lag alles open. Dat vond ik spannend, maar ook heerlijk.

Waar kunnen we Speezys vinden?

Nou, op onze website

Patty had op haar 25ste al een carrière van jewelste achter de rug. Waar droom je nog van met Speezys?

Dat het merk groter wordt, maar wel behapbaar blijft voor ons. Dat het gewoon een succes is en dat we er gewoon van kunnen leven. Ik ben niet iemand die per se heel rijk hoeft te worden. Maar ik wil wel genoeg geld verdienen om te kunnen doen wat ik leuk vind. Dat hoop ik heel erg.