Travelguide Vietnam

Vorige week kreeg ik een e-mail van een bekende die nu door Vietnam aan het reizen is met de vraag of ik nog wat tips had voor waar te gaan en waar te slapen. Om nou te zeggen dat ik járen in Vietnam gewoond of gewerkt heb, nee, maar vorig jaar ging ik er drie weken op vakantie dus ik heb best wat do’s en dont’s. Al schrijvende naar hem dacht ik, hmm misschien zijn er wel meer mensen die die kant afreizen dus voor een ieder die een ticket Vietnam heeft geboekt, pak aan deze tips! En mocht je Vietnam overwegen, boek dat ticket en ga!

Ps: Ik was er in december en januari en ben dus vooral in het zuidelijke gedeelte van het land geweest omdat het daar toen lekker warm was, in Hanoi in het noorden is het in die periode ijskoud.

Ho Chi Minh

De grootste stad in het zuidelijke gedeelte van Vietnam is Ho Chi Minh, of Saigon. Probeer je een beetje voor te bereiden op de krankzinnige drukte en de ontelbare scooters die steeds net niet over je tenen rijden, dat is namelijk nogal schrikken de eerste uren. Verplicht op je programma staat in ieder geval het War Remnants Museum, waar je vrij gruwelijke en confronterende foto’s ziet van de Vietnamoorlog.

Wees gewaarschuwd, het is een ontzettend gekleurd beeld dat hier wordt neergezet waarin de Vietnamezen totaal onschuldig waren en de Amerikanen geen spat beter dan de duivel. Je maakt verder natuurlijk een dagtrip naar de Cu Chi Tunnels (elk hotel of hostel biedt dit aan), eet op een foodmarket en drinkt Vietnamese biertjes op terrassen met kleine plastic stoeltjes die je werkelijk op elke hoek van de straat tegenkomt.

De stad is opgedeeld in districten en wie zin heeft in veel (een tikkie studentikoos maar wel heel leuk) bier gaat naar District 1, daar kom je terecht in een drukte die zo overweldigend gezellig is dat je zeker weten niet op tijd in bed ligt. Dat bed heb je geboekt in The Townhouse 50. Er zijn private rooms en dorms, ik sliep in de eerste en die kamers deden niet onder voor die van een luxe hotel. De locatie kan niet beter, er is een prima ontbijt en de mensen die er werken zijn onvoorstelbaar aardig en willen je met alles helpen.

Nha Trang

Zelf vind ik het tijdens het plannen van een reis ook altijd heel prettig om te weten waar ik níet heen moet gaan, en als je moet schrappen in je planning gooi Nha Trang er dan maar uit. Deze plek was altijd vrij populair want er zijn heel veel feesten, de wind is goed voor watersporten en de stranden zijn groot en uitgerekt. Maar iemand heeft de Russen dat ook verteld en die hebben de boel dus totaal overgenomen. En écht totaal, de menukaarten zijn in het Russisch, sommige straten staan alleen in het Russisch aangegeven, er zitten meerdere restaurants en cafés die Russische specialiteiten aanbieden en je struikelt over de schreeuwende en ongemanierde Russen. Als kitesurfen je leven is dan kun je het hier vast heel leuk hebben maar verder hoef je de moeite niet te nemen.

Phu Quoc

Na de ellende van Nha Trang vloog ik via Ho Chi Minh naar Phu Quoc, het meest zuidelijke en warmste stuk van het land. Phu Quoc is een klein eiland in de golf van Thailand met paradijselijk mooie stranden, blauwe zee, palmbomen en heel veel ansichtkaart-mooie uitzichten.

Je moet hier een scooter huren en gewoon dat hele eiland overcrossen, je neus achterna gaan, wel zien waar je komt. Maar zonder scooter is het lastig rondkomen. Aan de westkust gaat de zon onder dus daar zijn de grootste resorts en hotels, waaronder La Veranda, het mooiste en duurste resort van het eiland. Ik was er met Oud & Nieuw, alle hostels waren volgeboekt en het enige dat nog een bed had was een vrij saai hotel (Coi Nguon Phu Resort) maar dat hotel was gelegen pal boven Le Veranda, dus elke ochtend liep ik door dat luxe resort naar het strand en proefde toen toch een beetje aan de weelde aldaar.

De westkust van het eiland is dus het drukst bebouwd, maar stiekem is de oostkust veel en veel mooier. Vorig jaar december waren er toen meerdere resorts en hotels in aanbouw dus inmiddels zal het daar drukker zijn dan toen, maar nog steeds is dit de moeite meer dan waard. Het mooiste van de hele Vietnamreis echter was het meest noordelijke puntje van het eiland. Tik even een kaart op de kop en volg de kleine zandweggetjes helemaal door naar boven, via allemaal kruip-door-sluip-weggetjes, en navigeer jezelf naar Peppercorn Beach Resort. Dit is een miniresort met 12 villa’s, een restaurant en het mooiste strand dat je ooit zag. Ook niet-bezoekers kunnen hier binnenlopen, plaatsnemen in een plastic stoeltje dat je half in de zee zet en witte wijn bestellen. Echt dit gaat het hoogtepunt van je reis worden.

Verder moet je even een bezoek brengen aan The Coconut Tree Prison, een restant van de Vietnamoorlog en waar heel veel heftige historie te vinden is. Goed om alles weer even in perspectief te zetten want als je naar Vietnam gaat moet je niet je ogen sluiten voor wat er daar gebeurd is – vind ik.

Can Tho

Wie bezig is met een trip door Vietnam krijgt natuurlijk ook van alle kanten te horen dat je naar een floating market moet, en dat ga ik je nu ook nog een keer vertellen. Ga naar een floating market! Can Tho is heel goed te bereiken vanaf zowel Phu Quoc en Ho Chi Minh en er zijn tientallen bureaus die zo’n trip aanbieden.

Je kunt ook een tweedaagse tour doen naar het hart van de Mekong Delta en van dichtbij zien hoe het leven in de rijstvelden gaat, en dan sta je opeens tot je knieën in de modder met om je heen kilometerslange groene rijstvelden.

Eindigen op het dak

De laatste dag in Ho Chi Minh heb ik doorgebracht op het dakterras van het Rex Hotel, dat in de top 10 staat van duurste hotels van de stad. Voor een tientje mag je de hele dag aan het zwembad liggen met uitzicht over de stad en neem van mij aan, dat is een prima afsluiting van een vakantie in Vietnam.