De zonnige kant van ongesteld zijn

“Zooooo Jet, is rooie Nelis weer op bezoek?” Die opmerking krijg ik wel eens naar mijn hoofd als ik een beetje knorrig ben. Meestal is het dan nog waar ook. De dag voordat inderdaad de vlag uithangt ben ik serieus niet te knallen en heb ik bijna het idee dat de wereld vergaat. Elke keer vergeet ik eigenlijk weer dat het dan vast wel weer de tijd van de maand zou zijn. “O ja, daarom dacht ik dus dat ik ongeveer de ongelukkigste op aarde was,” denk ik dan de volgende dag. Kijk, dat je je tien kilo zwaarder voelt en het idee hebt dat je een soort van dubbel D of zelfs E hebt gekregen daar kan ik niet zoveel aan veranderen. Dat is namelijk allemaal gewoon zo, maar dat verdwijnt allemaal weer gelukkig. Datzelfde geldt ook voor de rug- en hoofdpijn. Mannen, lezen jullie mee? Weet je hóe stom dat allemaal is. Goed, ik ga er nu weer even een positieve draai aan geven, want er zijn ook een paar voordelen:

–       Heb je zin in zoet, chocolade of opeens een hele grote bak roti (ik bijvoorbeeld)? Hier mag je best aan toegeven, want je bent ongesteheeeeld.

–       Je hebt een goede reden voor je humeur. Dus je mag gewoon even een paar dagen knorrig zijn.

–       Niemand die mag opkijken als jij al enorm ligt te huilen bij de eerste minuut van een film. Laat staan de Menzis-reclame.

–       Dan kun je je ook nog eens heel erg “We run the world’’ voelen ofzo. Want ongesteld zijn, dat is zó vrouwelijk en daar hebben mannen niets mee te maken.

–       Eindelijk is een joggingbroek met oversized vest volledig acceptabel.

–       Vroeger hoefde je ook niet naar de gymles als de tijd van de maand weer was aangebroken, dus de sportschool mag je nu ook wel een keertje overslaan.

–       Ongesteld worden is meestal een teken dat je vruchtbaar bent. Toch wel heel fijn om te weten.