Happy & Healthy

4 malle dingen die we doen om maar niet op de weegschaal te hoeven

“Ik ga al heel lang niet meer op de weegschaal.” Dat zijn de woorden van de eerste soliste van Het Nationale Ballet Igoné de Jongh in NRC. Niet gek, want uit onderzoek (ja wetenschappelijk, ja) blijkt dat regelmatig op de weegschaal staan juist gedoe met gewicht aanwakkert. Als je kinderen zonder weegschaal in huis opvoedt, zouden ze op latere leeftijd ook een evenwichtiger relatie met hun lichaam onderhouden (lees hier trouwens even over hoe raar we doen als we wél op de weegschaal staan).

En geef nou toe, hoe hysterisch irritant is het als je twee dagen geen koolhydraat hebt aangekeken, met een bocht om die latte heenliep en geen wijn maar water dronk en toch een halve kilo zwaarder bent geworden? Met als gevolg dat je de volgende dag alleen maar ‘kan mij het schelen’ en ‘f*ck it’ denkt. Het is alleen zo jammer dat die weegschaal dan niet ineens een halve kilo lichter aangeeft na een dag snaaien en schranzen. Dat dan weer niet. Dat is gewoon krankzinnig oneerlijk.

Daarom (en omdat we onszelf waarschijnlijk een veel lager lichaamsgewicht gunnen dan we hebben) gooien veel vrouwen de weegschaal eruit. Maar heus dat we onze meetpunten houden opdat het allemaal niet de spuigaten uitbarst. Hier komen er een paar en een is van mij. Laat ik daar meteen maar mee beginnen.

1. De ‘zal ik wat te eten voor je maken, liefje?’ van mijn moeder

Dan weet ik dat ik goed zit, als mijn moeder (niet zo’n ontzettende kookfan) de keuken in holt om iets voor me te bereiden. Gevolgd door een ‘Schat, je moet echt niet vergeten te eten hoor.’ Echt, beter dan een weegschaal die 54 kilo aangeeft.

”Afvallen doe je niet alleen rond je buik en bovenbenen, maar overal”

2. Het wiebelende horloge

Afvallen doe je niet alleen rond je buik en bovenbenen, maar overal. Sterker, meestal val je eerst op alle onbelangrijke plekken af voordat eindelijk die probleemzones eens overstag gaan. De pols is zo’n plekje dat meteen ‘oké, ik geef me over’ roept als er een paar calorieën minder binnenkomen. Ik heb een vriendin die altijd op een bepaalde manier met haar horloge schudt waarmee ze meet hoe soepel die om haar pols zit. Zo weet ze of ze een beetje op het goede pad zit.

3. De top of a muffin check

Ik ga standaard ’s ochtends en profil voor de spiegel staan om te kijken of er geen randje gezelligheid (nou ja, zo gezellig vind ik het allemaal niet) over mijn slipje gluurt. En als ik dan op een plek ben waar geen paskamerspiegel is (bijvoorbeeld tijdens de vakanties in een gehuurd huisje), slaat na verloop van tijd toch de paniek toe. Dan móet ik gewoon weten hoe de vlag of eigenlijk de vetrand) erbij hangt. Ik heb me weleens in poses geworsteld  waar ze bij het Chinees Staatscircus nog van op zouden kijken om een goede zijselfie te maken. Zo kon ik op mijn telefoon de staat van mijn heup bekijken.

4. De skibroek

Ik ken iemand, ik noem geen namen, die een skibroek als graadmeter heeft. Al is het buiten dertig graden en zijn alle mussen van het dak gedonderd, dan nog pakt zij die bewuste broek uit de kast om te kijken of ‘ie nog een beetje soepel om de heupjes zit.

Alles, kortom, om maar niet op die weegschaal te staan. En het dan gek vinden als mannen ons af en toe niet helemaal kunnen volgen…