Beauty

VAN DE SLONZIGE TOT DE SECURE EN VAN DE ZUINIGE TOT DE SEXY SMEERDER

De 7 insmeertypes op het strand

SmerenJoss

Twee weekjes terug lag ik op het strand in Valencia en daar heb ik eens om me heen gekeken naar alle typetjes die naast mij lagen te bakken. Vond ik reuze interessant want de een maakte zich er behoorlijk snel vanaf, de ander was een panische smeerder die vervolgens met witte vegen over het strand liep en ook bespeurde ik wat types die van het woord insmeren waarschijnlijk nog nooit hadden gehoord. Ik heb er eigenlijk gewoon een studie van gemaakt en dit is het resultaat.

 

De-ik-heb-hier-geen-tijd-voor-smeerder

De verleidingen zijn groot op het strand. Typetjes die met kokosnoten rondlopen waar jij natuurlijk meteen aan wilt lurken, een zee die glanst en glittert en waarbij jij een ongelofelijke behoefte voelt om je luchtbed in te leggen en dan heb je natuurlijk nog dat cocktailbarretje dat lonkt. Je hebt gewoon écht geen tijd om te smeren. En dus kletter je maar wat zonnebrand hier en daar, ga je meteen op je bedje zitten, plakt het zand al binnen een minuut overal en nergens en erger je je aan alles op het strand waar je vijf minuten eerder nog smachtend naar uitkeek.

 

De-ik-heb-juist-enorm-de-tijd-smeerder

Exact het tegenovergestelde van de smeerder hiervoor. Deze smeerder heeft standaard factortje vijftig in de tas, zet het liefst elke twee uur de wekker en is aan het smeren alsof haar leven er vanaf hangt. En eerlijk: dat is natuurlijk ook zo.

 

De-ik-smeer-alleen-waar-de-zon-schijnt-smeerder

De zon schijnt altijd. Overal. Maar heb je alleen een tanktop aan, dan smeer je alleen je armen in en bij een strapless jurkje doe je dat alleen bij de bovenkant van je lichaam. Oké, en misschien een drupje op de neus. En dan wel ’s avonds omkleden en zien dat je vergeten bent de rest van je lichaam in te smeren. Oeps.

 

De-ik-heb-me-al-ingesmeerd-smeerder

Dat was ik. Vroeger, toen ik me nog niet bewust was van al die straling van de zon en wat die met je huid kon doen. En omdat ik er gewoon totaal geen zin in had, maar ook omdat ik geen literflessen met me mee wilde slepen. Dus smeerde ik me ’s ochtends maar van top tot teen in. En als iemand dan vroeg of ik me niet weer eens moest insmeren, kreeg diegene het antwoord: ‘Al gedaan.’ Ja dat was natuurlijk ook gewoon hartstikke de waarheid.

 

De-ik-denk-dat-ik-sneller-bruin-word-met-olie-smeerder

Hopsa, eerste dag op het strand, lekker flesje olie in de hand en bakken maar. In de hoop dat je dan natuurlijk ongelooflijk bruin wordt in een paar uurtjes. En de teleurstelling dat je ’s avonds rood aangelopen van het strand rolt. En daar niets van leren en het de volgende dag weer proberen. Oh ja, én natuurlijk roepen dat olie goed is voor de huid (moet ik toegeven, dat is natuurlijk ook zo) en er een factor dertig in zit waardoor je flink beschermd wordt (en daarover kun je mijn mening nu wel rieken).

 

De-overdreven-smeerder

Nu is dat in Australië niet meer dan normaal en ook behoorlijk nodig, maar op andere plekken moet ik er best een beetje om gniffelen. Types die met de sunblock op hun neus rondlopen, de zonnebrand niet even netjes uitsmeren en gewoon totaal gehuld onder een wit masker rondhuppelen over het strand.

 

De-te-late-smeerder

Dit is de smeerder die begint met smeren als die eigenlijk de vellen al bijna op de enkels heeft hangen. Verbrand dus. Pas dan gaat er een lampje branden waarbij de smeerder bedenkt even alles goed te maken wat er in die tijd daarvoor mis is gegaan. Nou, geloof me: te laat is te laat. Dat maak je niet meer goed. In dit geval wijs ik je even op type twee waarvan je wat kunt leren.