VALENTIJNSMENUUTJE


Ik kan nu wel net doen alsof ik niks heb met het hele Valentijnsgeneuzel, maar eigenlijk vind ik het dus heel leuk. En ja, ik hoop stiekem dat er volgende week op de redactie een geheimzinnig pakje of enorme bos bloemen bezorgd wordt. Duh, ik ben ook maar een mens. Een romantisch exemplaar ook nog.

Je hoeft niet giga uit te pakken om elkaar te verrassen. Gewoon iets gezelligs doen of elkaar iets kleins geven is al heel leuk. Als je geen zin hebt om de deur uit te gaan of je bankrekening laat het niet toe, dan duik je toch lekker zelf de keuken in? Vind ik dus het állerleukst… Steek de kaarsen aan, laat Miguel door de speakers klinken en trek een spannend setje uit de kast. Ik heb een lekker menuutje voor je samengesteld waar je geen uren voor in de keuken hoeft te staan maar waar je wel een behoorlijke portie punten mee scoort. Want je weet: liefde gaat nog altijd door de maag.

Voorgerecht

Sla je slag bij de traiteur en plunder het ambachtelijke bakkertje op de hoek. Je doet je lief geen groter plezier dan met een goede borrelplank inclusief truffelworstjes, geurende Mont d’Ors en flinterdunne Parma die smelt op je tong. Kleed je plankje aan met wat worteltjes en selderijstengels voor team fitgirl (jij dus), want kijk even naar gerechtje 2. Geloof me, daar wil je plaats voor overhouden.

Hoofdgerecht

Chique mac & cheese

Liefde gaat dus door de maag en geloof me, deze chique mac & cheese al helemaal. Want hoe maak je je bordje chic? Jawel hoor, met truffelllll. Go easy with the starter, want voor deze schaal moet je wel wat honger bewaren. Geloof me, je bonjourt na je eerste hap à la minute al je lijnpraktijken het raam uit, die tellen morgen pas weer. Oké, overmorgen, want the day after is deze mac & cheese nóg lekkerder. Ik heb er wat bloemkool in verstopt om ‘m toch een beetje Simone te maken.

Ingrediënten

. 500 ml volle melk
. een halve bloemkool
. 40 gram roomboter
. 40 gram speltbloem
. 200 gram rigatoni (of pasta naar keuze)
. 30 ml truffelolie
. 1 zwarte truffel (optioneel)
. een bol buffelmozzarella
. stuk Gruyère-kaas
. twee sneden oud (desem)brood
. olijfolie
. teen knoflook

Bereidingswijze

1. Verwarm de oven voor op 200 graden.

2. Smeer de sneeën brood in met olijfolie en het teentje knoflook.

3. Bak de sneeën totdat ze krokant zijn.

4. Laat het afkoelen en verkruimel totdat er een soort paneermeel ontstaat.

5. Zet het aan de kant.

6. Kook de pasta beetgaar, giet af en zet die ook aan de kant.

7. Verwarm de melk op halfhoog vuur, breng het langzaam aan de kook en voeg de bloemkoolroosjes toe.

8. Giet de bloemkool af als deze gaar is en vang de melk op.

9. Smelt de boter in een pan, voeg de bloem toe en roer toe totdat deze volledig is opgenomen door de boter.

10. Voeg langzaam al roerend de melk toe totdat je een dikke bechamelsaus krijgt.

11. Pureer de bloemkool en voeg die toe aan de bechamelsaus.

12. Voeg de pasta toe aan de saus samen met de truffelolie, de helft van de mozzarella en een flinke hand vol Gruyère-kaas.

13. Breng op smaak met zout en peper.

14. Doe de pasta in een ruime ingevette ovenschaal en schaaf de verse truffel over de pasta.

15. Bestrooi de pasta met de overige kaas en het broodkruim.

16. Zet de ovenschaal in de oven (op grillstand) en bak het totdat er een goudbruine korst ontstaat.

17. Serveer met een handjevol rucola, of gewoon met twee lepels.

Nagerecht

Kaneelpeertjes met Griekse yoghurt en gekarameliseerde pecannoten

Ingrediënten

2 rijpe Doyenné du Comis-peren

steek roomboter

volle Griekse yoghurt

2 el ahornsiroop

1 el kokosbloesemsuiker

handjevol pecannoten
1. Schil de peren en snijd ze in plakken. Bak de peren in een steek roomboter en bestrooi ze met kaneel.

2. Neem een koekenpan en smelt een steek boter, voeg de kokosbloesemsuiker en de ahornsiroop toe.

3. Houd de pan in beweging zodat de noten goed vermengd worden met de siroop. Pas op dat de suiker niet verbrandt.

4. Serveer de plakken peer met een lepel Griekse yoghurt en de gekarameliseerde noten.

5. Je kunt natuurlijk altijd de yoghurt vervangen door een lepel roomijs.

Elke, kom je bij me eten?