category image

De 7 wijnfases waar iedereen doorheen gaat

een meisje dat met een glas wijn in haar handen staat

Als je ‘wijnliefhebber’ opzoekt in het woordenboek is er een redelijk grote kans dat je een blije foto van mij erachter ziet. Samen met duizenden anderen, want ik geloof dat het liefhebben van wijn de favo hobby is van menig man en vrouw. Bij de ‘wijnkenner’ zie je mijn blije foto dan weer helaas níet staan, want een echte kenner kan ik mezelf niet noemen. Ik vind wijn heel lekker en ook heus wel interessant, alleen het drinken ervan neemt te veel tijd in beslag om er ook daadwerkelijk nog over te leren. Beetje zonde, ik weet het, maar ik laat me dan ook altijd graag adviseren in restaurants welke wijn goed bij de gerechten past én ik heb inmiddels wel m’n favorieten. En dat vind ik ook heel wat; I’ve come a long way. Wij allemaal. Want toen wij nog mini-wij’tjes waren proefden wij ook niet het verschil tussen een Viognier en een Chenin Blanc. Sterker nog, we spraken het waarschijnlijk uit als een viejognier en een sjeenin blank. Charmant. Want ja, ook in je leven maak je een wijnreis die je zo kan opdelen in fases. Lees en herken.

De Canei en andere zoetewittewijnmeuk-fase
Aiii. Echt, als ik hier aan terugdenk moet ik de kokhalsneigingen onderdrukken. Hóe hebben we dit vroeger massaal gedronken? Zelfs als ik de Canei nu zie staan in de supermarkt krijg ik weer rillingen. Toen ik nog allesbehalve een wijnconnaisseur was mocht je op je zestiende drinken in plaats van je achttiende, en zo gebeurde het dat ik rond m’n vijftiende m’n eerste glas wijn nam. Súpervolwassen. Nee, oké, het was niet eens een glas: gewoon indrinken uit de fles met je vriendinnen. Flesje Canei (en natuurlijk een fles Passie of piña colada) en jezelf een baasje voelen omdat je aan de wijn zat (en niet aan de Breezers of Smirnoff Ice). Gadverredamme.

De huiswijnfase
Als je de tijden van indrinken uit de fles hebt afgesloten is het tijd voor de volgende fase. De fase waarin je je nog steeds heul volwassen voelt, en dit keer omdat je met je vrienden en vriendinnen uit eten gaat. Toen ik vroeger op de middelbare school zat vond ik dat echt een big deal (ook al kwam ik niet verder dan de plaatselijke Loetje). En ja, uit eten gaan zonder een wijntje kan natuurlijk niet (zeker niet als je je zo grown up voelt), maar omdat al die namen en beschrijvingen je precies niets zeiden ging je automatisch meteen naar de huiswijn (bij Loetje is dat al twintig jaar de Torres). Want ja, verschil in smaak proef je toch niet maar dat verschil in prijs, dat merk je wel.

Je leert het verschil tussen Chardonnay en Sauvignon Blanc
Even een voorafje: dat je het verschil leert tussen soorten hoeft absoluut niet te betekenen dat je het verschil ook blind proeft in smaak. Sterker nog, tijdens een testje dat ik laatst heb gedaan met een blinddoek en verschillende wijnen faalde zeker 90% van de mensen. Maar goed, je maakt stappen: je weet nu al twee verschillende soorten witte wijnen te noemen. Hatsee. Witte wijnen ja, want rode wijn is je nog steeds wereldvreemd.

De opkomst van rode wijn
Want die rode wijn, die komt dus eigenlijk altijd later. Pas wanneer je de Canei achter je hebt gelaten, je het verschil proeft tussen droge en zoete witte wijn (en die laatste ook nooit meer bestelt in de horeca, zeker niet met ijs) en zelfs een aantal soorten kan opnoemen, dan komt de kennismaking met rode wijn. Voor mij persoonlijk was dit love at first sight; ik heb de rode wijn in m’n armen gesloten en nooit meer losgelaten. Geen voorzichtige kennismaking, want zeker voor de beginner zit er in rode wijnen denk ik niet heel veel verschil.

Je begint je voorkeuren te krijgen
Ah, het begin van een mening. Niet langer automatisch de huiswijn kiezen, nee, zelfs je voorkeur uitspreken. Dit was de fase waarin ik steevast zei dat ik géén Chardonnay wilde maar een Sauvignon Blanc (en zelfs de uitspraken ervan onder de knie had), maar dat ook een Viognier me niet vreemd was en ik van een Grüner Veltliner enthousiast werd. Je kunt je in deze fase ook in je hoofd halen dat je een connaisseur bent geworden, maar maak je geen illusies: dat ben je niet.

Je drinkt verschillende wijnen tijdens één etentje
Dat kan natuurlijk op twee manieren: een wijnarrangement nemen (lekker makkelijk) of zélf bedenken welk glas je neemt per gerecht. Die laatste is natuurlijk een stuk lastiger, dus pas op met welk gezelschap je bent, je wilt als connaisseur natuurlijk niet door de mand vallen als con-artist. Ik geloof dat ik me momenteel in deze fase bevind. En dan aan de makkelijke kant: ik laat me adviseren of laat anderen de keuze maken. Zo kun je hen wel bekritiseren als ze het niet goed hebben gedaan (maar overspeel niet je hand) en heb je toch een variërend wijnschema. Helemaal top.

De wijnconnaisseur
Je hebt het gehaald. Je bent een echte wijnconnaisseur. Nee oké, dat lieg ik, de echte wijnconnaisseurs zitten in fase 8 die voor velen nooit behaald gaat worden. Want écht verstand hebben van wijn, verschillen proeven, weten wat bij wat past, dat is niet voor iedereen weggelegd. Maar dat is niet erg. Je mag je ook een wijnconnaisseur noemen wanneer je veel wijnervaring hebt.