Zeeland: de beste adresjes om te eten en te slapen

Als je mij vraagt of ik meega op een tripje naar Zeeland, zeg ik ja. En als dat tripje ook nog eens georganiseerd wordt door een geweldig pr-bureau voor een A-merk, dan weet je dat je rustig achterover kunt leunen en elke vraag met “ja, graag, doe maar” kunt beantwoorden. Voorafgaand aan de trip kreeg ik wat mailtjes met vragen als: “Wil je brandade van kabeljauw met gepocheerd hoeve-ei, of toch liever poireau vinaigrette: zijdezachte jonge prei met een frisse, lauwwarme vinaigrette als vegetarische optie?” Of de wat mij betreft totaal retorische vraag: “Houd je van oesters?”
Alsof het allemaal nog niet genoeg linnen en luxe ademde, zouden we deze trip maken in een Volvo ES90 en de EX90, de Kelly en de Birkin onder de auto’s. Luxer, en met meer liefde en aandacht voor detail gemaakt, vind je ze niet.
Een warm welkom bij Volvo in Beesd
Onze eerste stop was het hoofdkwartier van Volvo Car Nederland in Beesd. In Scandinavische geest wachtte ons daar een fika met, natuurlijk, cinnamon rolls en ander Zweeds genot. Roger van Polanen, al bijna 27 jaar de grote man van Volvo, geeft de omschrijving “een warm welkom” altijd een nog diepere laag. Ik ben inmiddels bij veel persevents geweest, maar ik heb nog niemand meegemaakt die zo snel met iedereen een verbinding aangaat en zijn merk in de zon zet zonder dat het een wij-van-wc-eendachtige situatie wordt. Waar Volvo voor staat, dat ís Roger. Volvo is rust, comfort en de ontspannen luxe die ontstaat als alles klopt, en dat deed het tijdens deze reis.

Rijden in de Volvo ES90
De eerste locatie die ik intoetste in mijn zeldzaam zalige ES90 (ik wil nu nog maar één ding: deze auto) is De Oesterij in Yerseke. De gordel gaat om (in dezelfde zachtbeige kleur als de rest van het interieur, I like a lot), de stoelmassage gaat aan, ik vraag aan mijn reisgenoot of ik éven All I Ask van Adele over de Bowers & Wilkins-boxen mag laten klinken en ik tik op een knopje waardoor het dakraam het zonlicht tegenhoudt terwijl de auto toch licht blijft. Terwijl ik rijd, zie ik de routeaanwijzingen heel subtiel op mijn voorruit geprojecteerd. Deze rit kan me niet lang genoeg duren, zoveel is duidelijk. En dat ik in elke Volvo zo veilig ben als het maar kan, dat wist ik sowieso al.
Oesters eten bij De Oesterij in Yerseke
De Oesterij, een fijn restaurant aan de dijk in Yerseke waar je uitkijkt op de oesterputten, serveert de perfecte oesters en andere koude vis. Ik leer er trouwens dat je oesters en andere fruits de mer juist niet op ijs moet serveren. IJs vlakt de smaak af, en dat is zonde als je goede vis serveert. Het kan ook een trucje zijn om de smaak van minder verse vis te maskeren. Ook leer ik dat je een oester niet moet doorslikken, maar dat je er een keer of vier op moet kauwen om de smaak tot bloei te laten komen. En zo proef ik ineens echt verschil tussen een Zeeuwse en een Normandische oester (en vind ik de Zeeuwse het lekkerst). Na de lunch mogen we mee op een vissersboot en varen we langs de oesterbanken, en krijg ik nog meer respect voor de mannen in hun waadpakken die elke dag “onze” oesters opschudden om de beste smaak te garanderen.

Overnachten in Strandhotel Cadzand-Bad
Daarna gaan we richting onze eindbestemming: Strandhotel Cadzand-Bad. Daar logeerde ik toevallig al eens met mijn geliefde, en het stond hoog op mijn hier-wil-ik-nog-een-keer-naartoe-lijstje. Toen had Sergio Herman er samen met Syrco Bakker nog een restaurant, Pure C, dat het tot twee Michelinsterren schopte. Dat restaurant is er niet meer, maar het hotel wel. Het is ingericht door Piet Boon, met een verrukkelijke overdaad aan Baobab-kaarsen en Aesop-zeep. Het ligt aan zee, dus wil je wat trek opbouwen of je diner een beetje laten zakken, dan wacht die lange wandeling op je.

Dineren bij Bar Bulot
Het restaurant van het hotel, Bar Bulot, is ook bizar goed. Achter dit restaurant zitten de horecagrootheden Gert De Mangeleer en Joachim Boudens, die het typeren als casual fine dining. Nu vind ik casual een woord dat de luxe van deze locatie een tikje tekortdoet, maar het is luxe zonder dat het een stijve bedoening wordt. En ik heb niet vaak zo lekker gegeten.
Slapen met het geruis en geraas van de golven op de achtergrond, wandelen in de wetenschap dat er een enorm ontbijt op ons wachtte, en terugrijden in een van de meest luxe en comfortabele auto’s waar ik ooit in reed: het maakte deze trip tot een reis waar je nog vaak aan terugdenkt als je met wind tegen door de regen fietst. Staat er een tripje Zeeland op je menu? Sla deze adresjes dan vooral op. En de kans dat je mij daar weer ziet, is aanzienlijk, want ik wil terug, en als het even kan in die ES90.



