Travel

Van Gothenburg tot Stockholm: onze ultieme Zweedse roadtrip

By

Het stond al maanden met grote harten eromheen in mijn agenda; met Daan naar Zweden om daar in een volledig elektrische Volvo EX40 door het land te cruisen. En ineens is daar de dag waar we al zolang zoveel zin in hadden. Natuurlijk zijn er hick-ups. Daan, normaal gesproken bijzonder goed georganiseerd en altijd eerder aanwezig dan ik, stuurt me een appje: “Ik zit in de bús, May! Ben er bijna.” De door haar bestelde Uber was naar de Amstelveense geitenboerderij gereden in plaats van naar haar woonhuis. Hoe het kwam, zou ze later wel uitzoeken, eerst met versnelde tred richting de douane waar de rij – zal je altijd zien – driedubbel dik is. Nadat ik vier keer “we redden het echt” tegen Daan heb gezegd, begint mijn hart ook te hollen. Het zal toch niet? Mans als ze is, loopt Daan in de bocht naar een Schipholmedewerker, drie zinnen later trekt hij de gordel die twee poortjes verbindt open en knikt hij in de richting van de douaneband waar we ons mogen voegen. Terwijl we onze tassen op de band zetten, grijpen we nog even terug in de jukebox der herinneringen. Weet je nog dat we op het vliegveld in Moskou door de diplomaten-ingang mochten omdat we zo brak waren van de met wodka overgoten avond voor vertrek? Met een gekalmeerde hartslag en uiteindelijk keurig op tijd gespen we onze gordels vast in het vliegtuig dat ons in iets meer dan een uurtje naar Gotheborg zal brengen.

Aankomst in Gotheborg en Volvo HQ

Het vliegveld van Gotheborg ademt al de Volvo-sfeer. Vanzelfsprekend natuurlijk, want Gotheborg is het hart van Volvo, iets waar de stad – terecht – trots op is. Als we de taxichauffeur vragen om ons naar de Volvo HQ te brengen, hoeft ze ook niet op haar navigatie te kijken, ze knikt tevreden en brengt ons er in een soepele beweging naartoe. Daar staat Jenny op ons te wachten die ons meteen naar onze EX40 brengt. We moeten een beetje grinniken om het kenteken van onze vierwielige vriend. Zweedse kentekens beginnen met drie letters en in ons geval zijn dat de letters LUL. Het Nederlands elftal heeft dan net van Zweden verloren, dus we zien het als een klein tikje terug.

Trosa: laden en snoepstop

Daan tikt Trosa in, een tussenstopplaatsje dat ook wel the Hamptons van Zweden wordt genoemd, en daar gaan we. In Trosa kunnen we eventueel even laden. De actieradius van de EX40 is maximaal 570 kilometer, dus we zouden het net moeten redden van Gotheborg naar Stockholm, maar het is altijd fijn om niet met samengeknepen billen te hoeven rijden. En bijladen is een heerlijk excuus voor een koffiestopje. Touren door Zweden staat gelijk aan zeven meditatiesessies bij elkaar. Het landschap is zacht, rustig, schoon en ruim en de elektrische EX40 voegt daar nog wat ontspanning aan toe. Geen geluid van een brommende motor, geen vervuilend pluimpje uit de uitlaat, maar wel een heerlijk ‘glazen plafond’ (voor het eerst dat wij geëmncipeerde vrouwen daar blij mee zijn) in de vorm van een uitschuifbaar dakraam.

Pompstation-avontuur: Zweeds snoep en hulp van een viking

Even voor Trosa besluiten we om bij een pompstation te laden. We zitten nog behoorlijk goed in onze batterij, maar het adagium “better safe than sorry” indachtig, draaien we het terrein van een Zweeds pompstation met laadgelegenheid op. We lusten ook wel een koud drankje en zijn, ja ja, niets menselijks is ons vreemd, heel erg nieuwsgierig naar het Zweedse snoep. We hebben allebei nogal een Haribo-drift tijdens autoritten – én halverwege de werkdag, dan ook – dus tijdens het laden kunnen we eens uitgebreid toeslaan in de benzinepompshop. Omdat we Google Lens op dat moment nog even niet hebben ontdekt, worstelen we met de laad-instructies. Die staan namelijk allemaal in het Zweeds en laten we die taal nou net niet tot in de puntjes beheersen. Een niet onaantrekkelijke Zweedse viking schiet te hulp. Als onze creditcards niet passen bij zijn app, trekt hij zijn betaalpas langs het apparaat. Deze refill is van hem en nee, daar hoeft hij niets voor terug, zelfs geen koud drankje of een zakje Zweedse drop. Als wij ons in de shop vergapen en vergrijpen aan alle Zweedse waar (repen van Barebells in de smaak After Eight of Lemon Meringue! Chocolaatjes met salmiak aan de binnenkant! Red Bull Light in cranberriesmaak!) komt hij nog even vragen of we weten hoe het afmelden en afkoppelen gaat. Je begrijpt; Zweden kan bij ons niet meer stuk.

Van Trosa naar Stockholm: pittoreske dorpjes en stadsritmes

Met een volle batterij en een tevreden buikje zweven we door naar Trosa, een dorpje waar Pippi Langkous het bijzonder naar haar zin zou hebben. Houten huisjes all over, zelfs de plaatselijke lagere school en de bibliotheek zijn insta-waardig. Stadsmeisjes als we zijn, overvalt de rust ons wel een beetje. Dus we zoeven door de straten, zeggen ‘oh’ en ‘ah’ en stoten elkaar aan als we weer een naaldbos, knappe Zweed of rood houten huisje zien en drukken dan het gaspedaal plat richting Stockholm. Rijden in Zweden is een feestje; zelfs in de metropool Stockholm verloopt alles fluïde. De stoplichten tellen hier als het ware terug van rood via oranje naar groen, waardoor iedereen net even iets sneller in actie komt dan in Nederland. We hebben de wind in de rug, ons hotel ligt aan het prachtige water van Stockholm met uitzicht op de witte bootjes die heen en weer pendelen naar een van de honderden eilanden. We zitten op Louboutin-loopafstand van NK, zeg maar de Bon Marché van Stockholm, en om de hoek van ons hotel is een parkeerplaats met laadmogelijkheid en verdacht veel beschikbare plekken. Dat blijkt een reden te hebben, maar dat lieve lezers, vertel ik jullie morgen.